NL  | 
Contact | Sitemap | Help       Zoeken:   .be

         Koninkrijk BelgiŽ

       Zilverfonds

 

U bent hier : Inkomsten

Inkomsten

De inkomsten van het Zilverfonds bestaan uit begrotingssurplussen, overschotten van de sociale zekerheid en niet-fiscale ontvangsten. De inkomsten bestaan tevens uit de opbrengsten van de beleggingen.

Sinds zijn oprichting in 2001 en tot eind 2015 heeft het Zilverfonds volgende middelen voor een totaal bedrag van 16.317,8 miljoen euro ter beschikking gekregen (in miljoenen euro):
 
Jaar Bedrag Aard van de ontvangst
2001 437,8 verkoop UMTS-licenties
177,1 meerwaarde goud
2002 429,0 uitzonderlijk winst NBB
237,2 dividend Belgacom
11,9 korte-termijninteresten
2003 214,0 niet-ingewisselde bankbiljetten
2645,7 verkoop CREDIBE
290,0 dividend Belgacom
3 600,0 overname pensioenfonds Belgacom
0,3 korte-termijninteresten
2004 1 400,0 overname pensioenfonds Belgacom
2 500,0 ALESH
6,2 korte-termijninteresten
2005 422,9 eenmalige bevrijdende aangifte
19,8 saldo verkoop CREDIBE
2006 317,1 dividend Belgacom
211,9 winst BNB
26,5 aanvullend saldo verkoop CREDIBE
0,1 saldo eenmalige bevrijdende aangifte
176,0 begrotingssaldo 2006
0,7 korte-termijninteresten
2007 -  
2008 -  
2009 -  
2010 518,8 interesten SB-ZF op eindvervaldag
0,1 korte-termijninteresten
2011 429,7 interesten SB-ZF op eindvervaldag
0,8 korte-termijninteresten
2012 555,9 interesten SB-ZF op eindvervaldag
2013 506,0 interesten SB-ZF op eindvervaldag
2014 549,9 interesten SB-ZF op eindvervaldag
2015 632.4 interesten SB-ZF op eindvervaldag

De "Schatkistbons-Zilverfonds" (SB-ZF) waarin het Fonds belegt zijn van het zerocoupon-type, waardoor de gekapitaliseerde interesten pas uitgekeerd worden op de eindvervaldag. In economische optiek worden de interesten evenwel geventileerd over de looptijd van de belegging. Eind 2015 bedroegen deze prorata temporis verworven interesten op de beleggingen in "Schatkistbons-Zilverfonds" die hun eindvervaldag nog niet bereikt hebben 5.211,4 miljoen euro.

De inkomsten gedurende de eerste werkingsjaren van het Zilverfonds waren steeds van niet-fiscale aard. Met de toekenning van het begrotingssurplus 2006 werd voor het eerst de inkomstenbron van de begrotingssaldi aangeboord. Hierdoor werd vooruitgelopen op de aanpassing van de Zilverfondswet die vanaf 2007 een structurele financiering van het Fonds door middel van begrotingsoverschotten voorzag.
 

Aanpassing van de Zilverfondswet

De oorspronkelijke Zilverfondswet bepaalde dat de inkomsten van het Zilverfonds bestaan uit begrotingssurplussen, overschotten van de sociale zekerheid, niet-fiscale ontvangsten en de opbrengsten van zijn beleggingen. In de praktijk ontving het Fonds gedurende de eerste jaren vooral niet-fiscale ontvangsten.

In 2005 heeft een aanpassing van de Zilverfondswet de toekomstige financiering van het Zilverfonds met begrotingsoverschotten wettelijk vastgelegd.

Er werd bepaald dat vanaf 2007 principieel aan het Zilverfonds een bedrag toegewezen zou worden dat gelijk is aan 0,3 procent van het bruto binnenlands product. De daaropvolgende jaren, tot 2012, zou dit percentage met telkens 0,2 procent van het bruto binnenlands product opgetrokken worden. De toewijzingen voor de daaropvolgende begrotingsjaren zullen bepaald worden door de Koning, bij een in de Ministerraad overlegd koninklijk besluit.

Het effectief aan het Zilverfonds toegewezen jaarlijks bedrag zal gelijk zijn aan het gerealiseerde begrotingssurplus (vorderingensaldo) in het betrokken begrotingsjaar. Dit bedrag kan bovendien verhoogd worden met de opbrengst van maatregelen die de overheidsschuld in dat begrotingsjaar verminderen, zonder weerslag op het vorderingensaldo, waarbij deze verhoging evenwel beperkt wordt tot een jaarlijks bedrag van 250 miljoen euro voor de periode 2007-2010 en 500 miljoen euro voor de daaropvolgende jaren.

De wetswijziging voorziet tenslotte de mogelijkheid van een conjuncturele aanpassing van het jaarlijks aan het Zilverfonds toegewezen bedrag: dit wordt verhoogd indien de jaarlijkse procentuele stijging van het reŽle bruto binnenlands product tijdens het betrokken en het vorige begrotingsjaar lager is dan 2 procent en wordt verlaagd indien deze stijging hoger is dan 3 procent. Deze aanpassing wordt door de Koning bepaald, bij een in de Ministerraad overlegd koninklijk besluit en na advies van de afdeling "Financieringsbehoeften van de overheid" van de Hoge Raad van FinanciŽn.

Door deze aanpassing van de Zilverfondswet werd de structurele financiering van het Zilverfonds vanaf 2007 met een stijgende reeks begrotingsoverschotten in het vooruitzicht gesteld. Vooruitlopend op deze bepaling werd reeds een begrotingsoverschot voor 2006 voor een bedrag van 176 miljoen euro in het Zilverfonds gestort. Voor 2007 kon evenwel geen begrotingsoverschot gerealiseerd worden. In de nasleep van de kredietcrisis van 2008 konden geen begrotingsoverschotten meer gerealiseerd worden en kon het financieringspad voorzien bij de aanpassing van de Zilverfondswet bijgevolg niet uitgevoerd worden.

 
Gerelateerd document
Zilverfondswet (Pdf, 130Kb)


 
 

Laatste wijziging : 01-06-2016
Voor meer informatie kan u zich wenden tot :
phone number +32 (0)257 472 54

© Belgian Federal Government  | Disclaimer |  Privacy